De overstap naar elektrische mobiliteit roept veel praktische vragen op, met name wat betreft de vergoeding van de elektriciteitskosten wanneer de werkgever een elektrische of hybride bedrijfsauto ter beschikking stelt van een werknemer. In een constant evoluerende Belgische fiscale en sociale context heeft de administratie zojuist de nieuwe forfaitaire bedragen bekendgemaakt die van toepassing zijn op het 2e kwartaal 2025. Een overzicht van de regels, voorwaarden en bedragen om te onthouden.
Wanneer de werknemer thuis een hybride of elektrische bedrijfsauto oplaadt, kan de werkgever de gemaakte elektriciteitskosten vergoeden. Idealiter is deze vergoeding gebaseerd op de werkelijke kosten (exacte prijs van het elektriciteitscontract van de werknemer).
Echter, om de berekening te vereenvoudigen, accepteren de belastingadministratie en het RSZ dat een forfaitair bedrag per kWh wordt toegepast, op voorwaarde dat het het CREG-tarief niet overschrijdt dat elk kwartaal en per regio (Vlaanderen, Brussel-Hoofdstad, Wallonië) wordt gepubliceerd.
Fiscaal voordeel : indien aan bepaalde voorwaarden is voldaan (zie hieronder), leidt deze vergoeding niet tot een bijkomend voordeel alle aard (VAA) voor de werknemer. Het wordt dus gelijkgesteld aan de toekenning van een tankkaart voor een thermisch voertuig.
Opdat de vergoeding van de elektriciteitskosten geen bijkomend VAA met zich meebrengt, voorzien de fiscale circulaire (Circulaire 2024/C/77 van 5 december 2024) en de administratieve instructies van het RSZ (intermediaire instructies 2024/04) drie hoofdcriteria :
Wanneer aan deze voorwaarden is voldaan, stelt de werkgever de auto (hybride of elektrisch) met kabel of laadpaal ter beschikking, vergoedt hij de verbruikte elektriciteit, zonder dat dit leidt tot een extra belasting. Het enige verschuldigde VAA blijft dat verbonden aan de bedrijfsauto.
Het CREG-tarief dat maximaal is toegestaan voor de vergoeding van de verbruikte elektriciteit varieert naargelang de regio waar de werknemer zijn domicilie heeft en naargelang het burgerlijk kwartaal.
Regio | 4e kwartaal 2024 (cent/kWh) | 1e kwartaal 2025 | 2e kwartaal 2025 |
---|---|---|---|
Vlaams | 28,22 | 28,22 | 31,94 |
Brussel-Hoofdstad | 32,93 | 32,94 | 35,84 |
Waals | 32,57 | 32,56 | 36,17 |
Opmerking. Voor het 3e en het 4e kwartaal 2025 worden de bedragen later bepaald en onder voorbehoud van bevestiging.
Mogelijke uniforme toepassing
De werkgever die dat wenst, kan voor alle zijn werknemers het laagste tarief van de drie regio's toepassen. Eenmaal deze keuze gemaakt, blijft deze geldig voor het hele lopende kalenderjaar.
Historische waarde
Jaar | Maand | Vlaanderen (cent/kWh) | Brussel (cent/kWh) | Wallonië (cent/kWh) |
---|---|---|---|---|
2024 | 12 | 32,04 | 36,21 | 36,35 |
2024 | 11 | 29,4 | 33,47 | 33,7 |
2024 | 10 | 28,1 | 32,43 | 32,47 |
2024 | 9 | 29,11 | 33,96 | 33,45 |
2024 | 8 | 27,46 | 32,4 | 31,8 |
2024 | 7 | 27,83 | 31,81 | 32,01 |
2024 | 6 | 26,78 | 31,15 | 31,1 |
2024 | 5 | 25,9 | 30,41 | 30,09 |
2024 | 4 | 26,95 | 31,12 | 31,27 |
2024 | 3 | 26,99 | 31,92 | 31,89 |
2024 | 2 | 29,77 | 33,77 | 34,23 |
2024 | 1 | - | - | - |
Het overschrijden van het CREG-tarief zou kunnen worden beschouwd als een extra belastbaar voordeel, wat dient te worden vermeden.
De vergoeding van de elektriciteitskosten voor het thuis opladen van elektrische of hybride bedrijfsauto's is nu duidelijk afgebakend. Voor het 2e kwartaal 2025 bedragen de forfaitaire bedragen 31,94 cent/kWh in Vlaanderen, 35,84 cent/kWh in Brussel en 36,17 cent/kWh in Wallonië (onder voorbehoud van definitieve bevestiging).
Door de voorwaarden inzake bewijsvoering (communicatieve laadpaal, wagenparkbeleid, CREG-tarieflimit) te respecteren, kan de werkgever deze kosten dekken zonder een bijkomend voordeel alle aard te genereren. Dit stimulerende kader vergemakkelijkt de elektrificatie van de bedrijfswagenparken, terwijl het de beheersgemak voor werkgevers en de fiscale neutraliteit voor werknemers behoudt.