De coronacrisis heeft de transportuitgaven van gezinnen sterk doen dalen. Het herstel daarna was matig: in 2023 noteerden die uitgaven (in volume) nog steeds onder hun pre-coronaniveau. Daarnaast liggen transportuitgaven hoger naarmate een gezin verder woont van de stad en vooral indien ze minder toegang hebben tot het openbaar vervoer.
Dat zijn een aantal conclusies uit een nieuwe publicatie van het Federaal Planbureau en de FOD Mobiliteit en Vervoer.
Het onderzoek toont dat de transportuitgaven in de jaren voor de coronacrisis sneller stegen dan de andere gezinsuitgaven, namelijk tot 12% van het totale gezinsbudget in 2019. Na de forse daling ten gevolge van de coronacrisis stegen ze minder snel dan de andere uitgaven, waardoor hun aandeel in het gezinsbudget terugviel tot 10% in 2023.
Uit een meer gedetailleerde analyse blijkt dat de uitgaven voor vervoersdiensten (bv. het openbaar vervoer) tijdens de coronacrisis het sterkst gedaald zijn. Nadien zijn ze opnieuw opgeveerd, maar zonder (in volume) hun pre-coronaniveau te bereiken.
Daarentegen blijkt dat de uitgaven voor voertuiggebruik (bv. brandstof, onderhoud of herstelling) minder sterk gedaald zijn in 2020 in vergelijking met uitgaven voor vervoersdiensten, maar zich ook minder sterk hersteld hebben. Die aanhoudende lage bestedingen (in volume) kunnen erop wijzen dat er een blijvende verandering is opgetreden in het mobiliteitsgedrag door de toename van telewerk, e-commerce of fietsgebruik, maar kunnen ook deels verklaard worden door de energiecrisis die de brandstofprijzen heeft doen stijgen.
Ook de aankoop van voertuigen, in de eerste plaats van personenauto’s, is gedaald sinds de coronacrisis. Enerzijds is dat te wijten aan de verstoring van de toeleveringsketens in de auto-industrie waardoor autoleveringen vertraging opliepen. Anderzijds heeft dat te maken met de afwachtende houding die gezinnen aannemen als gevolg van hoge prijzen en onzekerheid rond technologie en regelgeving van elektrische wagens.
De opeenvolging van de coronacrisis en andere economische crisissen, samen met de technologische, fiscale en regelgevende onzekerheid, zorgen er dus voor dat de transportuitgaven van de gezinnen nog steeds lager liggen dan voordien.
De onderzoekers stellen in hun rapport ook vast dat naarmate een gezin verder woont van de stad, hun transportuitgaven hoger liggen. Zo blijkt een gezin in de stad jaarlijks gemiddeld 4159 euro aan transport uit te geven, terwijl een gezin op het platteland gemiddeld 5450 euro besteedt aan transport, bijna een derde meer. De bereikbaarheid van het openbaar vervoer speelt een nog grotere rol: een gezin dat vlot toegang heeft tot openbaar vervoer, geeft jaarlijks gemiddeld 3679 euro uit, terwijl een gezin dat moeilijk toegang heeft 7240 euro betaalt, wat bijna twee keer zoveel is.
Tot slot hangen de transportuitgaven ook af van het gezinsinkomen. Gezinnen met een lager inkomen besteden een groter deel van hun budget aan noodzakelijke transportuitgaven, terwijl gezinnen met hogere inkomens relatief gezien meer uitgeven aan vrijetijdsverplaatsingen.
Dit rapport is de vijfde publicatie over de transportuitgaven van gezinnen dat opgesteld is door het Federaal Planbureau en de FOD Mobiliteit en Vervoer. De onderzoekers baseren zich in deze publicatie op data van zowel de Nationale Rekeningen van het Instituut voor de Nationale Rekeningen als het Huishoudbudgetonderzoek 2022 van Statbel. De evolutie van de transportuitgaven is uitgedrukt in volumetermen, wat betekent dat er geen rekening wordt gehouden met prijsstijgingen. De transportuitgaven zijn geen weerspiegeling van het transportgebruik van gezinnen. Sommige bevolkingsgroepen zoals senioren of studenten beschikken over reductietarieven, waarbij hun uitgaven lager liggen, maar ze maken wel nog steeds gebruik van het transport. In het rapport zijn ook resultaten beschikbaar voor Vlaanderen, Wallonië en Brussel. Webinar Let’s Talk Mobility (22.04.2025)Op 22 april 2025 (14u30-15u) organiseert de FOD Mobiliteit en Vervoer, in samenwerking met het Federaal Planbureau (FPB) een webinar “Let’s Talk Mobility” over de transportuitgaven van de huishoudens. Benoît Laine, econoom bij het FPB en medeauteur, zal de voornaamste resultaten van het rapport toelichten in 20 minuten. Nadien kan u hem gedurende 10 minuten vragen stellen. Heeft u vragen over de webinar? Neem dan contact op met DirMobSec@mobilit.fgov.be. |
Raadpleeg voor meer informatie de publicatie ‘Transportuitgaven van de huishoudens – Actualisatie 2025’ op de website van het Federaal Planbureau: www.plan.be